closeTerug naar inventaris

Transcriptie

man

39

u phuijden den 6=en November anno 1682:

ompareerde voor mij david requleth nots: pud=en, bij

de hooge regeeringe van Nederlands India geadmitteert

residerende binnen der stadt bat.a, ter presentie van de

onder genoemde getuijgen, d’ Eersame Michiel

van der buijs schipper, en Claes manrits opper„

stierman beijde in dienst der E. Comp=e, en bescheijden

op ’t retourschip Europa, dewelcke tesamen ende ijder

in’t bijsonder op den eedinden aenvanck hares respec

tixe dienstens gedaen, ter requisitie van d’ H=res M=rs

qualter zeeman advocaet fiscael van Jndia, ende

pieter Panw water fiscael, getuijgen en verclaeren

waeraenigh te zijn, de navolgende poincten en saeken, als

Eerstel=e dat sij attestien ten Oeveele van haer ho:

Ed=ls in't beqin van martio jongstleden met haer

onder hebbende bodem in Comp:e van nogh inder andere

scheepen en vaertuijgen, van hier naer bantam vertraken,

en den 7=en der voors maentmartij, ter rheede voor

bantam aengekomen zijn, aldaer alsdoen mede vonden

leggen een portugees en drie engelsche scheepen, be„

neffens een der selversloepen, als wanneer bij haer attis

tanten ondervonden, en bekent is geworden, dat de

javaenen, die tegens haren wettigenheer en koningh

met name paducca sire sulthait aboen nahaer

abdul cahar rebelleerden en opstonden, de revier van

bancam tot twee â drie plaetsen geslopt, en toege„

voaggert hadden, mitsgaders alle de vastigheden van

bantam soo aen de strant, als ontrent de boom,

en de revier seer sterck net gewapende volckeren

bewaert en bewaeckt hieldert, houdende het casteel,

daer hoogh gedaghte haer wettigen heer en koninck

in was, seer strengh belegert, dogh dat de poriugesen

en Engelsen dagelijx onverhindert met hun senut, ten

en boots vanhake scheepen naer lant, en wederom.

van landt nae boort van hare scheepen keer en,

Ten tweeden getuijgen sij actestben: dat naer eenige

dagen leggens met haer voors: bodem ter rheede

van bantam, aen haer boort verscheenen eenige ge„

committeerde persoonen, soo van de francen

verte