closeTerug naar inventaris

Transcriptie

121

Van Ternaten —. october 1695.

aangedaen geweest, nu van gedagten verandert

en alles onder zijn Soon Moubilang vermeende te

laten blijven, aangesien hij na het overlijden van hem

binankal zoo weldauw als boelang Hang

almede werd versien, en seer gemackelijk na

binankals dood volgens uEd: gr: a: goede Intentie

sal konnen werden voltrocken

Bwvool van hier konnenw VHobb: geen naders berigt

geven, dan dat zijn hoogh.t den Coning Iacobus

Ladoalij inde maand september des voorleden

Jaers op Manado geweest zijnde, als doen heeft weten

te berigten, dat alles onder zijn gebiet in een gerust, klagien van den E0.

ladoalij over den cap.n

Tangalalou den welken

en vredigen toestant was, behalven dat den wel

bekenden Cap:n Tangalalou hem omwijlen vrij

wat spooks quam te maken, en alweder met

eenige van zijn aanhang nabojajang was

geweken; ontreckende sig met de zijne, alsoo de

gehoorsaemheijd van dien Coning, waer tegens hij

seijde niet tekonnen doen, ten ware de EComp.e

hem met hare hulpe geliefde te ondersteunen,

onse zoodik gen. gecommitt. heeft daer op bij een hoor dikgen: gecomm

bevonden zijn zoo breed

ge der voornaemste groten wegens 't gedoenten

niet is wesen als zijn

hoogh:t voorgeeft, en

vandien Cap.n geinquireert, en ondervonden dat

de sake zoo breed niet lag als dien Coning wel

quam voor te geven, gemerkt voorgemelte Cap:n

dikmael, zoo zij voorgaven, bij den Coning verscheen

en uijt geen andere hoofden van drie hoogh.t aan

geklaegt wierde dan om hem door de EComp.e

van