closeTerug naar inventaris

Transcriptie

519

Van Banda onder dato 2:' mar 173.

pailden het Eyland kisser N: 40:

giffte 1. myl buijten het naeste land

van groot Thimor Coers doen bij de

werd ofer om de O: N: o: Snagts dewwind

Z: o: en O: Z: O: marsz :en bramsz:

Coelee leijdent over en weer.

dingsdag 19: 's morgens dew id Z: O: t: O:

stijve bramsz: Coetee met zons opgang

peijsden het eijland het hij o: ’t Z. gisste

1. ingt daar van voor demiddag de

wend Z: o: bramsz: Coelte leijdent over

en weer met 7. glas quamen ter

rheede tethij voordrig van den alhier

de wantjalling den Jntree kreegen op

stond de Corporaal en de langes grooten

aenboort aan haar gevragt of zy

hier ook vreemde scheepen en

ander vaartuijgen gesien hebben

waar op mijn de Corporaal dit

volgende rapport gedaan heeft den

2: Junij is van hier vertrocken thio„

„pinko een snees met nog 13. Coppen

den 3: dito Jan Jansz: anker met

nog 6. Coppen bijde de wel hebben

na maccassar dit is het volk van

den burger adriaan schouten

woonagtig op macassar sijn Chialoup

die op den 16. april om de N:s kant

van