closeTerug naar inventaris

Transcriptie

Dingsdag den

23

had doorgezogt, dog eenlijk: in de rivier weyloeloe een Prauw had gevonden

met diessers an Liscabatta die hen in delerijl door de dikke Basschagie haeden

weggepakt, dog dat hij de Prauw aan spaanders had doen kappen, Dat hij hem

vervolgens na de Negorij Saleman had begeeven, dezelve van volk ontbloot

en aldaar eenlijk den Alphoers: Capitain weijlceloe /: maar geen geswelde koppen

op de Baleuwen:/: en voor de Negorij Agt Prauwen gevonden had, welke laatste

hij mede in stukken had laten kappen, dog dat gem: Capitain weijloe loe

aangenoomen hebbende voormelde vier drossers van Lissabatta te helpen

op zoeken hij officier Zig door den zelven in ’t gebergte had laten de weg

wijsen, egter die snaken niet vindende den voormelde weg wyser mede bragt,

dewelke door den wel Ed: Gestr: Heer Admiraal onderhouden zijnde, dan ook

verklaarde dat die van Saleman, Hatoewe en Passanea hartelijk wenschten

door zijn wel Edele Gestr: in submissie te mogen worden aangenoomen en

gaarne hadden willen uitkomen maar dat zij uit overtuijging hunner mis„

daad te zeer bevreest geworden zijn voor ’s Comp:s magt die zij hadden zienaan„

komen en mitsctien, dit gevaar maar een wijnig ontweeken te zijn, om opmor„

gen uit te komen, wordende intusschen gem: Capitain weijldeloe aangehouden, tot

9: November wanneer des s morgens de volkeren van Saleman, Hatuwe Pas„

Sanea en onderhoorige, verseld van derselver respective Hoofden en Capitain

en zo meede de onder die dorpen resorteerende Alphoeren bestaande in een groo„

te meenigte uitquamen, de strand volkeren zig werpende voor de voeten van

den wel Ed: Gestr: Heer Admiraal en versogten aan zijn Edele bij de EComp:e in

genade te mogen worden aangenomen, daar bij de plegtigste belofte doende

voortaan de E: Comp:e getrouwelijk te zullen aangangen, onder betuijging dat

hunne uitwijkingen niet zo zeer uit eigen beweging was ontstaan, als wel voor„

namentlijk, door de wees die den gevlugte orangk: en Iman van Passanca

hen handen aangejaagt, dat Noekoe over hen zoude heerschen, en de Comp: hen

tegen denzelven niet zoude beschermen, in welk ligt geloovig gevolken zij dan

ook gesterkt waren door de intrekking van de Test Sawaij, maar dat Zij tans ver„

nomen hebbende dat zijn wel Edele Gestr: die Post weeder wilde oprigten, dit voor

een gewisteeken hielden dat de E: Comp: en zijn Edele hen niet verlaten maar

legen alle aanvallen van den rebel Hoekoe met dies aanhang meest in Noord

Cerammers bestaande beschermen welde: tevens aanneemende met alleman

de